Terschelling

 

(bron wikipedia) Terschelling (Fries: Skylge) is een gemeente en uit het westen gerekend het derde bewoonde Nederlandse waddeneiland (streek). Terschelling valt onder de provincie Friesland.

Terschelling grenst ten noorden aan de Noordzee en ten zuiden aan de Waddenzee; ten zuidwesten ligt Vlieland en ten oosten Ameland. De totale strandlengte is 30 kilometer en de totale lengte van de fietspaden is ruim 70 kilometer.

Zoals bij de meeste waddeneilanden is het toerisme een belangrijke bron van inkomsten. In het hoogseizoen herbergt het eiland meer dan driemaal zoveel mensen als in de winter.

In de loop van de geschiedenis is Terschelling meerdere malen in andere handen overgegaan; de laatste keer was tijdens de Tweede Wereldoorlog, toen Terschelling samen met Vlieland van de provincie Noord-Holland bij de provincie Friesland kwam.

In juni is Terschelling jaarlijks de locatie voor het Oerol Festival, een culturele vrijstaat. Verder kent Terschelling de zeevaartschool Willem Barentsz (sinds 1875).

Onder andere Rederij Doeksen onderhoudt een veerdienst tussen Harlingen, Oost-Vlieland en West-Terschelling. Bij West-Terschelling staat de vuurtoren Brandaris, uit 1594, die in 1666 een van de weinige overgebleven gebouwen was nadat de Engelsen West-Terschelling in brand hadden gestoken

Taal
Terschelling herbergt maar liefst drie taalvariëteiten; in het westen en oosten worden de Friese dialecten Westers en Aasters gesproken, terwijl men in Midsland een Hollands dialect spreekt, het Midslands of Meslonzers, te vergelijken met het Stadsfries. Door de toenemende invloed van buitenaf (onder andere van het toerisme) worden de dialecten echter steeds meer verdrongen door het Nederlands, hoewel aan de westkant iets minder dan aan de oostkant.

De oorspronkelijke dialectverdeling is als volgt: het Westers wordt gesproken in de hoofdplaats West-Terschelling; het Midslands in Midsland, Hee, Horp, Kaart, Kinnum en Baaiduinen; het Aasters in Seerijp, Landerum, Formerum, Lies, Hoorn en Oosterend

Natuur en landschap
Het waddeneiland Griend, een natuurreservaatje in beheer bij Natuurmonumenten, behoort tot de gemeente Terschelling.

Terschelling bestaat voor bijna 80% uit natuurlijk duinlandschap en kwelders. De duinen en kwelders zijn sinds 1909 in beheer bij het Staatsbosbeheer. Het westelijke deel van het eiland, de Noordsvaarder is ontstaan uit een zandplaat die rond 1850 met het eiland verheelde. De Kroonpolders ten noorden van West-Terschelling zijn ontstaan tussen 1921 en 1929 door de aanleg van stuifdijken. Andere duingebieden op Terschelling zijn het Griltjeplak, de Landerumerheide en de Koegelwieck. In de natte duinvalleien van Terschelling komt de cranberry of Amerikaanse veenbes voor. Deze uit Amerika afkomstige plant belandde op het eiland nadat een vat met bessen in 1845 aanspoelde. Op Terschelling wordt de cranberry nog Pieter Sipkesheide genoemd, naar de vinder van het vat, Pieter Sipkes Cupido. De cranberry verwilderde en werd door botanicus Franciscus Holkema in 1868 ontdekt in een duinvallei met de naam Studentenplak. De pluk van cranberries is op Terschelling verpacht aan het bedrijf Cranberry Cultuur Skylge.

De Terschellinger polder bestaat geheel uit graslanden ten behoeve van de veehouderij. Op Terschelling zijn nog bijna twintig veehouders.

De zone langs de binnenduinrand werd vroeger gebruik voor het verbouwen van graan. Graanteelt is sinds de vijftiger jaren van de vorige eeuw van Terschelling verdwenen. Graanvelden werden beschermd tegen instuivend duinzand door de aanplant van elzenhagen. Het elzenhagenlandschap langs de binnenduinrand van West-Terschelling tot oostelijk van Oosterend (Terschelling) wordt beschouwd als een karakteristiek en waardevol landschappelijk element.

Het waardevolle natuurreservaat de Boschplaat ligt op het oostelijke deel van Terschelling, en is bijna tien kilometer lang. Het reservaat is ontstaan nadat tussen 1932 en 1936 een stuifdijk is aangelegd, die de voorheen los van Terschelling liggende zandplaat definitief met Terschelling verbond. Op de zandplaat ontstond een waardevolle kweldervegetatie, met uitgebreide groeiplaatsen van Lamsoor (Limonium vulgare), Zeealsem (Artemisia maritima), Zoutmelde (Atriplex portulacoides) en tal van andere halofiele, of zoutminnende planten. Op de Boschplaat broeden Lepelaar, Grote stern, Noordse stern, Visdief, Dwergstern, Kleine mantelmeeuw, Grote mantelmeeuw, Zilvermeeuw, Stormmeeuw, Aalscholver, en andere soorten vogels. De Boschplaat heeft de status van Europees Natuurreservaat

Haven
De haven van Terschelling. Rechts vuurtoren Brandaris.De havens van Terschelling zijn gesitueerd in West-Terschelling (53°21,4' N.B. 05°12,9'O.L.). Binnenvarend is er eerst aan bakboord de steiger van het sleepvaart- en bergingsbedrijf 'Rederij Noordgat' en de steiger van het KNRM reddingstation, daarna de veerhaven van de veerdienst Harlingen - West-Terschelling welke wordt uitgevoerd door Rederij Doeksen. Doorvarend komen vervolgens (ook aan bakboord) de aanlegsteigers voor de chartervloot, de Vaarwegmarkeringdsienst van Rijkswaterstaat en de Kustwacht. Achterin is een grote jachthaven, met veel voorzieningen: douches, wc's, wasmachines en internet. In de zomer ligt de haven erg vol, mede omdat het de meest oostelijke Nederlandse Waddenhaven is die met diepstekende jachten aangedaan kan worden en dus een stopplaats is op de route Engeland - Duitse Wad. Brandstof kan worden gebunkerd bij het brandstofponton aan het begin van de jachthaven.

Behalve in de jachthaven loopt er gedurende het hele tij een redelijk grote stroom door de haven. Dit wordt veroorzaakt doordat met dammen een waterreservoir is gemaakt, die achter in de haven een opening heeft. Op deze manier blijft de geul op diepte. Hier moet met manoeuvreren rekening gehouden worden.

Aan de haven staat het koffiehuisje "Het wakend oog", dat als wachthuisje voor de schippers is gebouwd

Cultuur
Op Terschelling worden een aantal oude tradities in stand gehouden. Bekend is het Sunderum, een feest dat op 6 december in de dorpen Baaiduinen, Kaart, Kinnum, Midsland en Hoorn wordt gevierd. In de dorpen van Oost-Terschelling heeft ieder dorp een eigen bestuur, de buren, dat probeert de problemen in het dorp op te lossen. Zakelijke problemen worden behandeld tijdens een vergadering met de naam Mantsjebier, die in sommige dorpen rond de jaarwisseling wordt gehouden. Overige problemen worden besproken tijdens het Burebier. Op de vergaderingen zijn traditioneel alleen de volwassen mannelijke inwoners van de dorpen welkom. In de dorpen van Oost-Terschelling geldt de burenplicht, de zorg die de bewoners voor elkaar hebben. Dit strekt zich uit van hulp bij de bouw van huizen tot het organiseren van de begrafenis van overleden dorpsgenoten. Het gebruik met paard en kar de natuur in te trekken wordt op Terschelling Op e Riid gaan genoemd.

Terschelling kent een levendige koor- en volksdanscultuur. Onder cultuurliefhebbers is het eiland vooral geroemd door het jaarlijkse theaterfestival Oerol. Dit festival werd in 1981 opgericht door Joop Mulder, destijds eigenaar van café de Stoep in Midsland. Inmiddels is Oerol uitgegroeid tot een van de grootste locatietheaterfestivals in Europa.

Een andere voormalige eigenaar van de Stoep, Willem Fries, opende in 2005 het kleine Het West-End theater. Daarmee kreeg Terschelling als Oerol-eiland ook zijn eigen theatertje

 

 

 
 

Disclaimer links

Conchas Webdesign